gravel, wo2

Wadden bikepack - 4 etappes

person Door Koen
calendar_today 18 mei 2023
schedule 7 min leestijd
Wadden bikepack - 4 etappes

Wadden bikepack: alle eilanden op eigen kracht

Al vaak spraken we erover, maar plannen bleek lastig. De Wadden, een tocht die je in je hoofd hebt uitgedacht, die je logistiek hebt doorgerekend, en die je uiteindelijk gewoon moet doen. De Waddeneilanden op de fiets , alle vijf, in vier dagen, over het Hemelvaartweekend, was zo'n reis. De aanleiding was een aflevering van de Tweewielers podcast, maar de vonk sloeg meteen over. Want hoe bijzonder is het eigenlijk: die keten van eilanden voor onze kust, elk met een eigen karakter, allemaal te bereiken per boot, grotendeels vrij van auto's en vol met gravel dat wacht om bereden te worden.

De logistiek vroeg wat puzzelwerk. Welke eilanden zijn aan elkaar te knopen? In welke volgorde? De Vliehorst Express, dat befaamde amfibievoertuig dat Vlieland en Texel verbindt via het strand, vaart alleen in het seizoen, en dat bepaalde mede de route. Vier eilanden zouden we 'gewoon' per fiets en boot doen; de vijfde, de oversteek naar Texel, zou via dat bijzondere gevaarte verlopen. Met vier dagen mooi weer in het vooruitzicht en een behoorlijke oostenwind die ons de hele trip zou vergezellen, reden we woensdagavond richting het noorden.

Dag 1: Schiermonnikoog en Ameland — de toon gezet

We vertrekken donderdagochtend vroeg vanuit Leeuwarden, want de boot naar Schiermonnikoog wacht niet. Een korte proloog door het Friese en landschap: vlak, wijd, de lucht al helder blauw, langs NP Lauwersmeer en dan de boot op in Lauwersoog. Even later: Schier.

Schiermonnikoog is het kleinste bewoonde eiland van Nederland, maar het voelt groter dan zijn oppervlakte doet vermoeden. Meer dan de helft is nationaal park, en dat merk je. De gravelpaden door de duinen en de oostpunt zijn stil, soms eenzaam, en de natuur lijkt hier werkelijk de baas. Maar er is ook geschiedenis: zoals op alle Waddeneilanden zijn er overblijfselen van de Atlantikwall, de kustverdedigingslinie die de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog lieten aanleggen. Bunkers half weggezakt in het zand, betonnen constructies die de duinen ingegeten zijn. Ze geven iets extra's aan dit landschap.

We hebben zelfs tijd voor een tussenstop bij oude bekenden van mijn ouders, die al jaren op het eiland wonen. Bij een kop koffie horen we verhalen over de Waddenzee, het eilandleven, de geschiedenis.

Dan is het verder over het vasteland, en met de wind in de rug gaat dat vlot. Vanuit Holwerd naar Ameland is de volgende stap: weer een overtocht, het water glinstert in het middag­licht en de veerpont is een ideaal rustmoment. Het is al wat later als we aankomen, maar op Ameland verblijven we op een fijne natuurcamping, we weten nog een welverdiende pizza te scoren in het drukke Nes. Na ruim 113 kilometer en een dag vol eilanden, boten en bunkers is dat welkom.

Dag 2: Ameland en Terschelling & de Friese kust als tussenstuk

Vrijdag beginnen we ontspannen. Het rondje Ameland gaat over fantastische gravel- en schelpenpaden richting de oostpunt, zover als je kunt rijden. Bij de Blinkert, een hoge duintop met uitzicht over het eiland, kun je begrijpen waarom mensen hier keer op keer terugkomen. Het uitzicht beslaat het hele eiland en je snapt ineens de verhouding: land, water, lucht.

Het is ook hier dat de herinnering boven komt drijven aan MadNes, het studentenfestival dat vroeger op Ameland plaatsvond. Je fietst langs plaatsen die je vaag bekend voorkomen, maar zo anders aanvoelen nu je er nuchter en op een gravel­fiets door rijdt, ipv half beschonken en emt een surfplank :D

De boot terug naar Holwerd vertrekt op tijd, en nu begint het spel: we moeten door om de boot in Harlingen te halen. Met een lekker windje in de rug pakt dat goed uit. Onderweg een lunchstop bij De Zwarte Haan, een gehucht aan het wad waar je het gevoel hebt dat de wereld aan de andere kant van de dijk niet bestaat. We volgen de kustlijn, soms aan de zeekant van de dijk zelf, en slalommen letterlijk tussen de schapen door.

In Harlingen is de veerpont naar Terschelling een lange, rustige oversteek. Bij het vallen van de avond zetten we ons tentje op bij een mooie camping in West-Terschelling. Het dorp is nog even levendig, we lopen er doorheen, en dan vertrekt de laatste boot van de dag. Het eiland valt stil. Er is iets bijzonders aan dat moment: je bent hier nu, en je blijft hier. De boot is weg. Dat geeft een vrijheid die je in weinig andere situaties voelt.

De teller staat op zo'n 85 kilometer voor vandaag. Wachten op veerponten kost immers ook tijd..

Dag 3: Terschelling en Vlieland — strand, leegte en laagvliegen

We maken een grote lus over Terschelling van ruim 65 kilometer en de noordkust met zijn smalle paden door de duinen doet wat met je. Maar het echte hoogtepunt is de oostpunt: een ruw zandpad dat uitkomt bij een vogelkijkhut van Natuurmonumenten. De mensen die hier werken vertellen ons dat het vandaag te doen is om over het strand terug te rijden. En dus doen we dat.

Wat volgt is moeilijk te omschrijven. Het strand is breed en bijna leeg, de wind staat op vier Beaufort en blaast ons precies de goede kant op. De grens tussen zee, strand en hemel vervaagt. We rijden sneller dan je zou verwachten op zand, en het is uitkijken voor de kuilen en geulen die het strandzand verbergt. Een kleine valpartij mag de pret niet drukken, en doet dat gelukkig ook niet. Dit is een van die momenten waarom je fietst. Laagvliegen geblazen!

Na de boot terug naar Harlingen en een logistiek knooppunt op het vasteland komen we 's avonds aan op Vlieland. Het is al laat, de ondergaande zon verft het eiland oranje, en we rijden nog wat kilometers terwijl we uitkijken voor loslopende runderen op de paden. Niemand te bekennen meer. Bij de Lange Paal slaan we kamp op. Het is windstil geworden en de sterren komen tevoorschijn, die zijn hier verrassend helder.

Dag 4: De Vliehorst Express en Texel: terug naar de wereld

Zondag begint vroeg met een korte rit naar de Vliehorst, het meest afgelegen hoekje van Vlieland, waar het strand overgaat in de Waddenzee. En dan: de Vliehorst Express. Een amfibievaartuig dat door ondiep water en over stranden banjert, met fietsen achterin en een handvol avontuurlijk ingestelde reizigers aan boord.

Het vehikel zet ons af bij een eenzame houten steiger, midden op een uitgestrekt strand. Van hieruit vaart een bootje ons naar Texel. Met warme chocomel aan boord kletsen we wat met de medereizi­gers. De Waddenzee van het water gezien: nog weids­er dan je denkt.

Texel is anders. Groter, meer toeristen, meer infrastructuur. De Atlantikwall is er ook, maar het eiland kan ons na drie dagen Schier, Ameland, Terschelling en Vlieland maar moeilijk bekoren. Dat zegt misschien meer over ons dan over Texel, maar eerlijkheid dwingt me het te zeggen: in de Wadden­ranglijst eindigt Texel niet bovenaan.

De ferry naar Den Helder is een korte oversteek, en dan begint het echte werk. De wind, onze trouwe metgezel van de afgelopen dagen, heeft nu een andere richting gekozen. We betalen alles terug. Een deel van de Afsluitdijk is wegens werkzaamheden afgesloten voor fietsers. De bus neemt ons mee over dat stuk, wat de benen even spaart maar toch wat onbevredigend voelt. In Kornwerderzand stappen we uit en rijden door het Elfstedenland richting Leeuwarden, waar we na ruim 115 kilometer de dag en de trip afsluiten op een terras. Vier dagen, vier eilanden plus Texel, de Vliehorst Express, strandrijden, bunkers, schapen en een windrekening die volledig is voldaan.

Wildernis in Nederland, het kan (nog) wel!

Praktische informatie

De route voert grotendeels over goed begaanbaar terrein: verharde fietspaden, gravel- en schelpenpaden op de eilanden. je hebt er eigenlijk geen gravelfiets voor nodig. Het strandrijden op Terschelling is de meest technische passage, maar die hoef je neit te doen. Wij deden dat met wat lage druk in de banden maar met 40mm en bagage was dat wel krap aan.

De overtochten vragen planning: vertrektijden van de veerponten zijn leidend voor je dagindeling, niet andersom. De Vliehorst Express rijdt alleen in het seizoen en op specifieke dagen: check de website van Rederij Doeksen ruim van tevoren en boek op tijd. Hetzelfde geldt voor de doorvaart naar Texel.

Kamperen mag op de meeste eilanden alleen op aangewezen campings; kamperen bij de Lange Paal op Vlieland was voor ons een bijzondere ervaring, er zijn genoeg natuurcampings en als fietser heb je altijd plek. Overnachting- en horecamogelijkheden zijn te vinden in de grotere dorpen op elk eiland.

Het Hemelvaartweekend bleek een uitstekend moment: mooi voorjaarsweer, weinig drukte, en de eilanden nog niet in de zomerpiek. We hadden geen regenjasjes nodig gelukkig, maar een warme donsjas heeft goed dienst gedaan.

#gravel